Forthcoming Publications

Forthcoming Publications



Page : 1   2   3   


Humanitarian Intervention as an Exception to the Prohibition on the Use of ForceHumanitarian Intervention as an Exception to the Prohibition on the Use of Force
Petra Zvržina

The core objective of the United Nations is to strive towards peace and security in international community. Recent flows of refugees to Europe have led to wonder how the international community could help both people facing abuses of their fundamental rights, and also European countries to which they are immigrating. However, since 1945, the use of force has been prohibited with no mention of interventions for humanitarian purposes. The question remains, when unauthorised humanitarian intervention as a last resort measure can be justified in a world of jus cogens prohibition of the use of force.   In public international law, new rules of customary law emerge through sufficient State practice and opinio juris, therefore it might turn out that humanitarian interventions will be justified under customary international law. Always when concerned with the protection of human rights, specific criteria shall be drawn in order to prevent abuses. The present book is a master thesis, which is going to answer the question of justifiability of the use of force for humanitarian purposes without the United Nations Security Council approval, drawn from Iraq and Kosovo cases, and evolving customary international law.   “If humanitarian intervention is indeed an unacceptable assault on sovereignty, how should we respond to a Rwanda, to a Srebrenica – to gross and systematic violations of human rights that offend every precept of our common humanity?” (Kofi Annan, Millennium Report of Secretary-General of the United Nations, 2000)





De burger als ongelovige ThomasDe burger als ongelovige Thomas
Carinne Elion-Valter

Dit is een proefschrift over overtuigingskunst, recht en democratie. Het recht is een cultuur van overtuigen. Van advocaten richting rechter, eigen partijen en de media. Van de rechter richting partijen, advocaten, de hogere colleges, het publiek en de media. Ook bestuurders, ambtenaren, wethouders en ministers claimen geloofwaardigheid. Dit proefschrift belicht het begrip geloofwaardigheid vanuit de optiek van de burger. Welke taal moet hij willen verstaan? Wat zijn de factoren voor geloofwaardigheid en legitimiteit van het recht?   In deze tijd van participatie en democratische initiatieven als de G1000 herbezinnen we ons op het vertrouwen in de juridische en rechtsstatelijke waarborgen en instituties. Dan komt het er extra op aan dat we nadenken over geloofwaardigheid en legitimiteit. Wat is het verschil tussen Trump en Obama?   Het boek is de neerslag van een dialoog tussen literatuur en recht over deze vraag. Literaire teksten belichten de achtergronden van het recht. Het boek behandelt het thema van geloofwaardigheid aan de hand van de Bijbelpassage over ongelovige Thomas en zes latere teksten. Thomas was de apostel die pas geloofde in de opstanding van Jezus, nadat hij de kruiswonden had gezien. Ieder tijdperk leest echter zijn eigen boodschap in dit verhaal. Dit proefschrift bespreekt de avonturen van Thomas aan de hand van zes teksten uit de literatuurgeschiedenis. Aan de orde komen teksten van een 17e eeuwse jansenist Arnauld, van de 19e eeuwse Victor Hugo en van de 20e eeuwse Jean Cocteau, Maurice Blanchot, Julien Gracq en Michel Tournier. Thomas’ thematiek verandert van geloof naar rede, naar recht, naar waarheid, werkelijkheid, geschiedenis en liefde. Dit proefschrift toont de vitaliteit van een traditie.   Dit proefschrift geeft grotendeels onbekende teksten van bekende Franse auteurs een nieuw leven. Het wijst op de rol van erkenning voor geloofwaardigheid en legitimiteit, gaat in op verwante begrippen van wederkerigheid, oordeelsvermogen en reflexiviteit. De essays over de verschillende teksten verbinden geloofwaardigheid met thema’s als rationaliteit, gelijkwaardigheid, authenticiteit, nostalgie, mythe en identiteit. Het toont dat ook teksten zonder duidelijk juridisch thema relevantie hebben voor het denken over recht, bestuur en politiek.





Corruption and Human RightsCorruption and Human Rights
André T. D. Figueiredo

Some scholars and even human rights monitoring bodies have started to make the connection between corruption and human rights violations. When asked about this connection, most people easily picture a country ruled by a dictator who steals public money to support his luxury life while the population suffers from the lack of essential public services, such as healthcare and education. The connection in itself is appealing. Nonetheless, sometimes this connection is made without the proper concern for fully developing the argument and its consequences. The purpose of this study is to go beyond this appealing link and to clarify the argument that making an explicit link with human rights has indeed added value. Framing corruption as a human rights violation cannot be an end in itself, a pure exercise of relabeling the problem. This study aims to give a practical significance to the connection by addressing, in a non-exhaustive way, the practical value of framing corruption as a human rights violation and the possibilities in which international human rights law can be used to strengthen the fight against corruption. By doing so, this book also presents how UN human rights bodies are referring to corruption, and how they could contribute more to fighting this global problem. This book is an adapted version of the author's LL.M. thesis presented at Radboud University in June 2016,where he graduated cum laude after being the recipient of a scholarship.





The World’s StatelessThe World’s Stateless
Institute on Statelessness and Inclusion

International law protects the right of every child to acquire a nationality. Yet, childhood statelessness pervades all regions of the world. At least a third of the 15 million people who face life without a nationality today, are children. And, every ten minutes, another child is born stateless. The disconnect between the recognition of nationality as a fundamental child right and the reality of childhood statelessness presents a massive challenge, but also opens up a wealth of opportunities. Childhood statelessness is entirely preventable. It is never in a child’s best interests to be stateless, nor is it ever a child’s “fault” if they are left without nationality. We are proud to devote this edition of our flagship report, The World’s Stateless 2017, to exploring the urgency of and opportunities for addressing childhood statelessness. Over 50 experts and organisations have contributed material – essays, interviews, photographs and more. Collectively, they deal with a multitude of different dimensions of childhood statelessness, with chapters exploring the right to a nationality, challenges in the context of migration and displacement, the significance of the Sustainable Development Agenda, the mechanics of safeguards against statelessness for children, and litigation, legal assistance and other forms of moblisation as strategies to tackle childhood statelessness. As with every edition of The World’s Stateless, this publication also offers a more general overview of the state of statelessness globally in 2017. The Institute on Statelessness and Inclusion is an independent non-profit organisation, committed to ending statelessness and disenfranchisement through the promotion of human rights, participation and inclusion. For more information about our work, please visit www.institutesi.org.





Twee eeuwen dienstplicht, discipline, dienstweigering en desertieTwee eeuwen dienstplicht, discipline, dienstweigering en desertie
S. Meuwese

Deze studie waarop Stan Meuwese in maart 2017 in Tilburg promoveerde, is opmerkelijk genoeg de eerste en enige wetenschappelijke juridische studie over de dienstplicht. De ontwikkeling van de wetgeving en de rechtspraak vanaf de invoering van de dienstplicht in Nederland in februari 1811 door Napoleon tot aan de opkomst van de laatste dienstplichtigen in januari 1996 komt aan de orde. Tien chronologische hoofdstukken bevatten ieder vier paragrafen: de dienstplicht (hoe komt men in de krijgsmacht terecht), de discipline (hoe houdt men met behulp van het militair straf- en tuchtrecht de dienstplichtigen vast in de kazernes), de dienstweigering (hoe bleef men uit het leger) en desertie (hoe ontvluchtte men aan de krijgsmacht). De juridische legitimatie van de dienstplicht heeft in de loop van twee eeuwen steeds ontbroken. Arm of rijk, jongen of meisje, uit een groot gezin of uit een klein gezin, leek of priester: de rechtsgeschiedenis van de dienstplicht toont geen beeld van gelijke behandeling. De dienstplicht is in 1996 niet afgeschaft, maar opgeschort. Toch zal de formele dienstplicht ook op meisjes van toepassing verklaard worden. De rechtsgeschiedenis van de dienstplicht is ook het verhaal van mensen: Dirk Donker Curtius die in 1813 werd opgeroepen voor de Garde d’Honneur van Napoleon, J.K. van der Veer, die in Middelburg in 1896 de schutterijplicht weigerde gebaseerd op antimilitaristische motieven in de lijn van Tolstoi, Herman Groenendaal die in 1921 als dienstweigeraar in hongerstaking ging, sergeant Meijer die op 12 mei 1940 werd geëxecuteerd wegens verlaten van zijn post op de Grebbeberg, Poncke Princen, die in Indië in 1948 kant van de nationalisten koos, Rinus Wehrmann die in 1971 weigerde zijn lange haren te laten knippen, Hans Dona en Wim Schul die in 1971 op grond van een artikel in een VVDM-blad drie maanden tuchtklasse in Nieuwersluis kregen, Kees Vellekoop die in 1973 op grond van politieke bezwaren tegen de krijgsmacht in gevangenis kwam. De toekomst van de dienstplicht ligt achter ons: het is mooi geweest met de dienstplicht. prof. mr. drs. Ben Vermeulen, lid van de Raad van State en hoogleraar staatsrecht: Dit is ongetwijfeld het best geschreven proefschrift dat ik ooit heb mogen begeleiden. Het leest als een trein, is buitengewoon soepel geschreven, bevat veel woordspelingen en -rijmen, talloze petites histoires en is vaak buitengewoon humoristisch.  





Alternatieve Gassen en AansprakelijkheidAlternatieve Gassen en Aansprakelijkheid
D.G. Tempelman

Dit proefschrift behandelt de vraag wie aansprakelijk gesteld kan worden voor schade die ontstaat door groen-gasinvoeding en waterstofbijmenging. Allereerst worden de Europese en Nederlandse ontwikkelingen besproken in de gassector, in het bijzonder het proces van Europese marktintegratie en-liberalisatie waarbij de aandacht voornamelijk uitgaat naar het Nederlandse liberaliseringsproces. Als gevolg van het proces van marktliberalisatie is het aantal actoren toegenomen en heeft er een verschuiving van verantwoordelijkheden plaatsgevonden. Deze verantwoordelijkheden liggen deels in de wet verankerd en zitten deels in contracten besloten. Om deze reden worden de wettelijke taken en bevoegdheden en de contractuele relaties besproken. De contracten worden voor zover mogelijk privaatrechtelijk gekwalificeerd en kort inhoudelijk behandeld waarbij de aandacht uitgaat naar de afspraken omtrent aansprakelijkheid. De grondslagen voor de wettelijke aansprakelijkheid worden ook besproken, in het bijzonder de aansprakelijkheid voor gebrekkige zaken, gebrekkige opstallen, gevaarlijke stoffen en gebrekkige producten. Tevens wordt de aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad behandeld. Om de centrale vraag te beantwoorden is gekozen voor een casusgerichte aanpak en worden twee scenario’s geschetst die antwoord geven op de hoofdvraag.





Wetboek van Strafrecht CuraçaoWetboek van Strafrecht Curaçao
Prof. mr. H. de Doelder, mr. S.R. Bakker, mr. B.A. Salverda en mr. J.H.J. Verbaan (red.)

Nadat op 7 juli 2011 de Staten van Curaçao het Wetboek van Strafrecht hebben aangenomen, is het op 15 november 2011 in werking getreden. Dit boek bevat de integrale tekst van het Wetboek van Strafrecht. De redacteuren waren als medewerkers van de Erasmus Universiteit Rotterdam nauw betrokken bij het opstellen van de teksten voor het wetboek en de daarbij behorende Memorie
van Toelichting. Om de praktische toepassing van dit boek te vergroten en het duiden van de wetteksten te vereenvoudigen, wordt de lezer voorzien van een ruime uitleg van de opgenomen
bepalingen doordat in dit boek een bewerkte en vernummerde versie van de Memorie van Toelichting is opgenomen. Voorts heeft de redactie, waar nodig, enig commentaar toegevoegd aan de
officiële teksten. Op deze wijze is het boek zowel voor de praktijk als het onderwijs een belangrijke kenbron en naslagwerk. In de bijna vijf jaar na het verschijnen van de eerste druk, is de strafwetgeving op bepaalde punten aangepast. Door middel van een zogenoemde (eerste) ‘Bezemwet’ zijn deze wijzigingen eind 2015 in Curaçao doorgevoerd. Deze tweede druk voorziet in de nieuwe tekst van het Wetboek van Strafrecht en geeft daar waar nodig een nadere toelichting over de wetswijzigingen. Tevens zijn in deze tweede druk de omissies uit de eerste druk, voor zover van toepassing, verbeterd.
Dit boek is de tweede druk van het derde deel van deze reeks.
Hiervoor verschenen bij dezelfde uitgever ‘Caribisch Wetboek van
Strafrecht’ (2008), ‘Strafrecht in de Antillen na 10-10-’10’ (2010),
‘Wetboek van Strafrecht Curaçao’ (2012), ‘BOB-wetgeving Curaçao,
Sint Maarten en Aruba’ (2012), ‘Wetboek van Strafrecht Aruba’
(2014) en ‘Wetboek van Strafrecht Sint Maarten’ (2015).





Voorstel van Wet strekkende tot de invoering van een herstelgerichte afdoening via bemiddeling in strafzaken in het Wetboek van Strafvordering, inclusief Memorie van ToelichtingVoorstel van Wet strekkende tot de invoering van een herstelgerichte afdoening via bemiddeling in strafzaken in het Wetboek van Strafvordering, inclusief Memorie van Toelichting
John Blad, Jacques Claessen, Gert Jan Slump, Anneke van Hoek, Theo de Roos

In deze publicatie treft u een proeve van wetgeving aan, opgesteld op inititatief van en door burgers. Het is een wetsvoorstel, inclusief Memorie van Toelichting, waartoe wij het initiatief hebben genomen in het kader van de aanstaande invoering van een nieuw Wetboek van Strafvordering. Het voorstel van wet is geschreven door een initiatiefgroep (Universiteit Maastricht en Restorative Justice Nederland) in samenwerking met een denktank van ruim tachtig strafrecht- en herstelrechtprofessionals. Het wetsvoorstel is op 21 feburari 2017 overhandigd aan de leden van de vaste kamercommissie voor Veiligheid en Justitie van de Tweede Kamer. Met dit voorstel van wet kan het formele wetgevingproces wat ons betreft echt van start. De mogelijkeheid om zaken in het strafrecht op een herstelgerichte manier af te doen is immers geen luxe, maar noodzaak.





FRONTEX and the EBCGAFRONTEX and the EBCGA
Amélie Poméon

With this book, Amélie Poméon won the Hanneke Steenbergen Scriptie Prijs 2016 (prize for the best master thesis in the field of migration law in the Netherlands for the year 2015/2016). Hanneke Steenbergen taught migration law at the University of Leiden and was highly dedicated to the promotion of migration law education. After her death, a commemorative foundation was established, the primary purpose of which is to award a yearly prize stimulating research and interest in migration law issues. This book discusses the question to what extent Frontex (and, to a more limited degree, its successor, the European Border and Coast Guard Agency) can be held accountable for breaches of EU law acting both inside and outside EU territory. The issues covered include a detailed discussion of Frontex’ tasks and competences, the legal position and status of EU agencies, agency accountability and the distinction between the notions of accountability and responsibility as well as the extraterritorial applicability of EU law. It also addresses the question whether an individual complaint mechanism can and should be introduced within the Agency’s setup. “Amélie provides with her thesis an almost encyclopedic document about Frontex, the European Agency for management of operational cooperation at the external borders of the European Union. Frontex plays an important role in protecting external borders and therefore has a direct impact on many people’s lives. […] Worth mentioning is that she took an interesting approach by incorporating interviews with various experts on the ground. […] So, a very thorough piece of work on a problem that maintains to be in the forefront of every ones attention.” Jury report Hanneke Steenbergen scriptieprijs 2016





Thoughts on Article 15 of the European Convention on Human RightsThoughts on Article 15 of the European Convention on Human Rights
P. Kempees

Article 15 of the European Convention on Human Rights allows States, in time of “war or other public emergency threatening the life of the nation”, to take measures derogating from their obligations to protect human rights. This brief monograph by a member of the Registry of the European Court of Human Rights offers a personal view on the possibilities of derogation in practice. Its aim is to inform discussion on the relevance today of Article 15 as part of the Convention system. Its main focus is on armed conflict both international and non-international and on terrorism. It makes proposals to breathe new life into Article 15.







PAge : 1   2   3